Roemenië, een wereld van verschil
Zaterdag 3 juni 2006, 16:14 14 reacties
Hey een entry! Ik zit op dit moment bij mijn vader thuis, waar toevallig ook een internetverbinding aanwezig is en zodoende kan ik jullie nu alvast een beetje bijpraten over het eerste deel van mijn avontuur: Roemenië.
Wauw......!
Wát een ervaring is dit! Ongelofelijk. Breng een paar uur door in Boekarest en er gaat een wereld voor je open. Zelf ben ik in ieder geval díep onder de indruk van wat ik hier gezien heb. Ik heb ook ontzettend veel te vertellen, dus ik begin maar gewoon bij het begin van mijn bezoek.
Als ik aangekomen ben op het vliegveld van Boekarest word ik gebeld door mijn vader. Hij is wat later, omdat 'ie vastzit in het verkeer. "Vijftig meter voor het vliegveld", aldus hem. Even kijk ik raar op, maar als ik even later buiten sta snap ik het. Wát een chaos dat verkeer! Auto's rijden kriskras langs elkaar, tegen de richting in en er wordt een hoop getoeterd. En dit was nog maar een parkeerdek...
Vanaf het vliegveld "rijden" we naar de stad. "Rijden" ja, want autorijden houdt hier iets totaal anders in dan in Nederland. Rechts inhalen, afsnijden, constant toeteren, het is hier de normaalste zaak van de wereld. Verkeer van rechts heeft hier net als bij ons voorrang, maar krijgt het NOOIT. Hier geldt het recht van de sterkste en vooral dat van degene met de meeste lef. Er rijden meer voortuigen vól met deuken rond dan exemplaren zonder enkel krasje (Parijsenaren zijn er nette jongens bij) en verder bepalen auto's uit de jaren '60 het straatbeeld voor een belangrijk deel. Om het voor je als automobilist nog even makkelijker te maken zitten de wegen vol met kuilen. Dan bedoel ik trouwens niet van die putjes die we in Nederland soms in een boerenlandweggetje tegenkomen, maar dan heb ik het over gaten van bijna een meter lang, breed en diep. Nou reken maar dat je die liever ontwijkt. Als je voor het stoplicht staat te wachten dan hoef je niet op het licht te letten, want er klinkt automatisch een enorm claxonconcert van de twintig auto's achter je zodra het licht op groen springt; erg handig.
Als je dacht dat dit het wel was wat het verkeer betreft dan zit je er naast, want ik heb de snelwegen nog niet besproken; nou, houd je vast. Van een middenberm hebben ze hier nog nooit gehoord, laat staan van vangrails. Auto's rijden zo dus met 240 kilometer per uur (als het niet meer is) rakelings langs elkaar heen. De vluchtstrook wordt hier als inhaalstrook gebruikt (de auto die ingehaald gaat worden gaat op de vluchtstrook rijden zodat degene erachter erlangs kan) en als het inhalen niet snel genoeg gaat dan haal je gewoon degene die inhaalt op hetzelfde moment ook in. Zo gebeurt het dan dat je met z'n drieën naast elkaar rijdt, waarvan de meeste linkse op de tegenstelde baan, terwijl er een stukje verderop hetzelfde gebeurt vanuit tegenstelde richting. Om het allemaal nóg leuker te maken rijden er ook paard en wagens over de snelweg, evenals fietsers en er lopen ook voetgangers. De snelwegen lopen dwars door kleine dorpjes heen en daar spelen dan ook kleine kinderen langs de weg en je moet er uitkijken voor overstekende kuddes koeien.
Echt ónvoorstelbaar hoe dat verkeer hier gaat. Maar één ding moet ik de mensen hier nageven. Stuk voor stuk zijn het topcoureurs. Verkeersregels lapt iedereen aan z'n laars, maar iedereen beschikt over de meest briljante stuurmanskunsten. Mocht je dit lezen en later een rally-team op willen zetten, dan kan ik je zeker aanraden om in Boekarest op zoek te gaan naar coureurs.

In Boekarest rijden we eerst door het rijke deel van de stad. Vele indrukwekkende gebouwen komen we tegen en de stijl doet me in veel gevallen denken aan Parijs. We rijden door de drukke hoofdstraat, langs enorme winkelcentra en langs imposante bouwwerken. Bij het Parlementspaleis waar ik al over sprak een paar dagen geleden kan ik mijn ogen niet geloven. Zó groot als dat gebouw is.. whoaaaaah! Je hebt echt een speciale lens nodig, want anders is er no way dat je het in z'n geheel op de foto krijgt. Volgens zeggen is het gebouw vanaf de maan zichtbaar en dat zou nog best wel eens waar kunnen zijn. Echt heel indrukwekkend. Het is ook mogelijk het gebouw in te gaan, maar helaas hadden we daar geen tijd voor.
Wel hadden we nog even tijd om het bierfestival te bezoeken, dat op het grote plein voor het paleis werd gehouden. Onder het genot van een heerlijk Roemeens biertje maakte ik kennis met de lekkernij van hier: Meach (ik heb geen idee of je het zo schrijft, maar ok). Meach is wat in Nederland de frikandel is en wordt met veel mosterd gegeten. Nou en echt waar... lékker! Nohhhhh! Dit moeten ze echt in Nederland ook gaan verkopen, want het is echt tien keer lekkerder dan onze frikandel.

Het enorme Parlementspaleis

Meach
Na de tussenstop rijden we naar een groot winkelcentrum in de stad. Een gigantisch complex van meerdere verdiepingen en de rijkdom straalt er vanaf. Een megabioscoop, juweliers, kledingzaken, vele restaurants en bars en zelfs een complete verdieping met enkel elektronica. Een metropolisch gevoel geeft het, maar schijn bedriegt. Overal loopt, zonder te overdrijven, drie keer zoveel personeel rond als klanten, winkels verkopen kleding en schoenen maar in een zeer beperkt aantal maten en de elektronica is allemaal al enigszins verouderd qua modellen. Men loopt er vooral om te flaneren en daar komt dan de ware aard van dit alles naar boven. Om jezelf hier af te zetten tegen de armoede waan je jezelf in luxe en loop je rondjes door het winkelcentrum. Het winkelcentrum, dat zelf misschien ook wel alleen maar prestige is.
Om nog even terug te komen op dat flaneren: Er lopen hier mooie vrouwen rond, niet normaal! En dan niet af en toe eentje, maar er lopen hier gewoon alleen maar mooie vrouwen. Sla een willekeurig modeblad open, zoek het mooiste model uit dat je kunt vinden en je hebt het uiterlijk te pakken van de gemiddelde vrouw hier. Ongelofelijk.

Het winkelcentrum
Na het winkelcentrum is het tijd om naar de oude woning van mijn vader te gaan. We rijden een stukje bij het centrum vandaan en dan wordt duidelijk hoeveel armoede hier eigenlijk heerst. Voor ieder stoplicht staan mensen die voor een paar cent je autoruiten willen wassen, langs de wegen staan oude vrouwen hulpeloos met babies in de armen en overal lopen zwerfhonden rond. Gebouwen zijn vervallen en alles is smerig. Als je je hele leven enkel in Nederland gewoond hebt kun je je daar echt geen voorstelling van maken, het is echt heel armoedig allemaal.
De oude woning van mijn vader is een kleine flatwoning op acht hoog in een vervallen gebouw. De lift rammelt en je moet met je handen de deuren dichthouden als de lift in beweging is. Achter het gebouw slapen geregeld daklozen en vanaf het kleine balkon heb je uitzicht op de armoede van de wijk. De flatwoning zelf is klein en alles en iedereen zit er dan ook aardig op elkaar gepropt. Met meerdere mensen is het er misschien nog uit te houden, maar in je eentje zou je er gillend gek worden. Zo vertelde mijn vader dan ook een verhaal over zijn buurvrouw, die een tijd geleden zo gek werd van dat flatje en alle ellende om zich heen, dat ze van acht hoog naar beneden sprong. Mijn woorden halen het lang niet bij de ervaring die ik in de flat heb opgedaan, maar het is er echt heel triest gesteld.

Uitzicht vanaf de flat
Het contrast in Boekarest is vreselijk. Aan de ene kant heb je de armoede waarbij alles alleen maar om overleven draait, maar aan de andere kant rijden hier de duurste auto's die ik ooit in mijn leven gezien heb. De rijke elite en het arme volk leven hier samen, maar langs elkaar. Samen met Gabi, de vrouw van mijn vader, ging ik wat groenten kopen bij een groentenboer op straat en terwijl daar de vliegen je eten alvast gingen voorproeven stond er een paar meter verderop een hele dikke Mercedes geparkeerd. Contrast ten top. Helaas konden we maar kort in Boekarest blijven en ik heb dan ook slechts een glimp opgevangen van het leven in de stad. Als ik de verhalen mag geloven dan is het in de echte buitenwijken nog vele malen erger dan wat ik gezien heb. Gehandicapte kinderen die aan hun lot worden overgelaten en bedelende kinderen, kinderen die nooit een school van de binnenkant zullen zien. Onvoorstelbaar dat het bestaat, maar het doet je als westerling wel heel erg beseffen hoe goed je het eigenlijk hebt en hoe verwend we vaak ook zijn. Zien hoe het leven ook kan zijn; het doet iets met je.

Armoede vind je overal

Een dikke auto, met een paar meter verderop:

De lokale groentenboer
Twee uur rijden vanaf Boekarest ligt het nieuwe huis van mijn vader. Een mooi huis in een heel klein dorpje. Het is een best mooi en aardig ruim huis, maar het staat hier eigenlijk totaal verkeerd, in de middle of nowhere. Naast het huis staat een hutje, waarin de oma en overgrootoma van mijn halfbroertjes Alex en Andre wonen. Het huisje is tweehonderd jaar oud en alles bij elkaar is het nog kleiner dan mijn slaapkamer in Nederland. De deuren zijn misschien net 1,60 meter hoog en je moet je dus ook gebukt door het huisje verplaatsen. Een houtkacheltje houdt de drie kleine kamertjes warm en in de winter schijnt het er te stikken van het ongedierte. Onvoorstelbaar dat er vandaag de dag nog steeds mensen op deze manier leven.
De straat voor de huizen is erg rustig. Af en toe komt er paard en wagen voorbij en verder lopen er de hele dag zigeuners langs, op zoek naar werk. Achter de huizen ligt een grote moestuin waar men zelf groeten en fruit verbouwd. De mensen leven hier echt van de natuur en behalve dat hebben ze enkel elkaar. Dat laatste uit zich heel duidelijk, want men is hier gastvriendelijker dan ik waar dan ook heb meegemaakt. Ik ben hier als een prins onthaald en men wil echt alles voor je doen. Tijdens de typisch Roemeense maaltijden (die erg goed smaken trouwens) wordt constant gevraagd of je nog wat meer wil en iedereen is heel blij dat je er bent. Bij gebrek aan sociaal vangnet van de overheid zorgt iedereen hier zo goed mogelijk voor elkaar. Aan de ene kant heel erg mooi om te zien, maar aan de andere kant is het toch eigenlijk ook wel triest dat het zo moet. Voor de mensen hier is het echter niets bijzonders en is dit gewoon het leven zoals het is. Overleven in het wild.

Alexandru met één van de vele honden hier
Zo, dat was wel ongeveer mijn relaas tot nu toe. Morgenochtend rond een uurtje of negen vertrekken mijn vader en ik met een volgeladen auto richting Nederland. Dwars door de bergen van Transalvanië rijden we richting Hongarije, om een dag later via Oostenrijk en Duitsland naar Nederland te rijden. Een hele lange rit, maar we hebben geen haast en we zullen ook nog wel even de tijd nemen om de grote steden te zien. Onderweg geen internet, dus vanaf nu zullen jullie wél tot woensdag moeten wachten op het vervolg van mijn verslag en een heeeeeleboel meer foto's.
Groeten uit Roemenië!
Link naar deze entry
Categorie: Foto's, Roemenië
Reageren (14 reacties)


